Midwinter

Midwinter

Dat je soep kon maken zonder iets te bevroeden.

Dat je haar kon invriezen terwijl jouw halfrond naar de zon toe leunde.
Dat je haar weer tot leven kon wekken toen alles zich had omgekeerd.

Dat je je kon verbazen
dat je nog kon eten.

Dat je troost kon putten uit een gedachte
dat de soep die ze at door jou gemaakt was.

Dat zij nog kon eten.

Dat de zon nu toch weer naar jou toe heeft geleund. En omgekeerd.
Dat de dingen die je hebt ingevroren soms opeens ontdooien.

Dat je desondanks soep kunt blijven maken.
Dat je nu hooguit bevroedt

dat je nog steeds niets bevroedt.

Meer Licht

Onderstaand gedicht schreef ik naar aanleiding van de tentoonstelling Meer Licht in Museum de Fundatie in Zwolle. Ik won er de bijbehorende dichtwedstrijd mee. Dichtwedstrijden winnen is fijn.

Wie voor 8 januari nog kans ziet om De Fundatie te bezoeken moet die kans zeker grijpen. Vooral met de bevlogen toelichting van samensteller Hans den Hartog Jager is Meer Licht een zeer inspirerende expositie.

(Dat lieve kleine meisje op deze foto is onze vierjarige dochter, die het presteerde om bijna twee uur stil te zitten luisteren. Subliem. De enorme foto waar ik naast sta is van Hiroshima, vlak na de atoombom. Raar.)

Lees verder

De wijndrinkers

Onderstaand gedicht schreef ik op uitnodiging van Op Ruwe Planken voor de site van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad. Het is geïnspireerd door het werk van Ingrid Oostendorp, waar ik elke keer als ik er mee geconfronteerd word weer erg van onder de indruk ben (een bezoek aan haar atelier laat een verbluffender indruk achter dan een bezoek aan haar website). Tijdens het schrijven van het gedicht heb ik veel geluisterd naar de cd Alopecia van Why?. Samen vormt dat een gevaarlijk mengsel.

Lees verder